Terug naar depressie
Informatie
geschatte leestijd 4 min

Medicatie tegen symptomen van dementie

Je naaste met dementie kan te maken krijgen met algemene klachten zoals somberheid, pijn, slapeloosheid, agressie en angst. Deze symptomen zijn ernstig en moeten zo goed mogelijk behandeld worden. De huisarts zal medicijngebruik vaak proberen te vermijden, maar soms zijn de klachten zo ernstig dat hij toch medicatie zal voorschrijven. 

Waar moet je op letten bij medicijngebruik van je naaste?

Ouderen hebben meer kans op bijwerkingen van medicijnen. Houd daarom je naaste goed in de gaten als ze medicijnen gaat gebruiken. Jij kent haar goed en merkt kleine verschillen in gedrag of stemming daarom sneller op dan een huisarts of een hulp van de thuiszorg. Jouw aanwijzingen kunnen helpen de dosering goed op je naaste af te stemmen.

Let allereerst op de symptomen waarvoor je naaste het middel gebruikt: verminderen die of zijn ze zelfs helemaal verdwenen? Bespreek dit met haar huisarts. Let daarnaast op mogelijke bijwerkingen. Deze staan beschreven in de bijsluiter van de medicijnen, maar je kunt ook de behandelend arts vragen waar je op moet letten, of kijken op apotheek.nl. De bijwerkingen kunnen bij mensen met dementie namelijk anders of heel subtiel zijn. 

Vier groepen medicijnen

Vier groepen medicijnen worden vaak ingezet bij dementie. Ze hebben tot doel ernstige symptomen van dementie te bestrijden die de kwaliteit van leven kunnen aantasten. Deze medicijnen hebben wel een relatief groot risico op bijwerkingen. Per groep staan hier enkele punten op een rij om extra op te letten.

Groep 1: Rustgevende medicatie (antipsychotica)

Bij gedragsproblemen als agressie of dwaalgedrag van je naaste zal de huisarts wellicht antipsychotica als haloperidol (Haldol), olanzapine (Zyprexa) en risperidon (Risperdal) voorschrijven. Volgens de richtlijn mogen deze medicijnen nooit de eerste keus van de behandeling zijn. Ook moet het gebruik van korte duur zijn, omdat het effect van de medicatie na twaalf weken afneemt, terwijl de kans op bijwerkingen toeneemt. Haloperidol moet zeker kort worden gebruikt, in de regel niet langer dan 10 tot 14 dagen.

Bijwerkingen op korte termijn zijn vaak sufheid of lusteloosheid. Bij langdurig gebruik neemt het risico op hartklachten toe. Alleen in uitzonderingsgevallen is gebruik langer dan twaalf weken toegestaan. De hele behandeling lang moeten de effecten en bijwerkingen goed worden gevolgd. Overleg regelmatig met de huisarts van je naaste (en liefst ook met je naaste zelf) of het gebruik verder voortgezet moet worden of niet. Voor tips en adviezen kun je ook de tips van Alzheimer Nederland over antipsychotica lezen, of bekijk de uitzending van Tros Radar (zie hieronder).

Psychofarmaca in verpleeghuizen
TROS-Radar, 26-05-2014

Groep 2: Antidepressiva

Heeft je naaste een depressie, dan moet die worden behandeld. Als haar klachten ernstig zijn en een behandeling zonder medicatie onvoldoende effect heeft, kan de arts kiezen voor een

antidepressivum.

Antidepressiva

Antidepressiva zorgen ervoor dat het tekort aan onder andere serotonine in de hersenen wordt aangevuld. Deze medicijnen zijn onderverdeeld in tricyclische antidepressiva (TCA’s) en niet-tricyclische antidepressiva (niet-TCA’s). Deze laatste groep bestaat onder andere uit selectieve serotonineheropnameremmers (SSRI’s). De werking van de middelen kan per persoon verschillen. Het is daarom niet eenvoudig het juiste middel bij de juiste persoon te vinden. Over het algemeen kun je zeggen dat SSRI’s minder nare bijwerkingen hebben en dus worden zij eerder voorgeschreven.

Net als bij antipsychotica moet de arts de effecten en eventuele bijwerkingen goed in de gaten houden. Er zijn diverse verschillende soorten antidepressiva, elk met zijn eigen type bijwerkingen. Vraagt dit goed na bij de behandeld arts voordat je begint met de medicijnen. Soms zijn bijwerkingen in de eerste week het ernstigst en nemen de klachten daarna af.

Als je naaste vóór de dementie al voor een depressie is behandeld, let er dan op dat het bestaande medicijngebruik niet zonder meer wordt voortgezet. Sommige medicijnen tegen depressie kunnen namelijk het effect van alzheimermedicatie (cholinesteraseremmers) verminderen of geheugenproblemen en andere mentale klachten verergeren. Dit geldt met name voor de zogenaamde tricyclische antidepressiva, zoals amitriptyline, clomipramine, dosulepine, doxepine, imipramine en nortriptyline. Overleg dit met de behandelend (huis)arts.

Groep 3: Pijnstillers

Pijn is een veelvoorkomend symptoom van dementie. Als je naaste niet of nauwelijks meer in staat is om aan te geven dat ze pijn heeft, wordt de pijn vaak niet of onvoldoende bestreden. Mensen met dementie zijn wel extra gevoelig voor bijwerkingen van pijnstillers. Het is daarom belangrijk de voorschriften van de arts goed op te volgen en niet zelf te starten met medicatie of een dosis aan te passen. Ook vrij verkrijgbare middelen kunnen bij ouderen ernstige bijwerkingen veroorzaken. Zo kunnen NSAID-pijnstillers zoals ibuprofen en diclofenac maagbloedingen of, in zeldzamere gevallen, nierschade veroorzaken. 

Groep 4: Slaapmiddelen

Onrustig slaapgedrag kan tot ernstige problemen leiden voor iemand met dementie. Je naaste wordt er onrustig van of slaapt overdag wel, maar ‘s nachts niet. Dit is niet alleen belastend voor haar, maar ook voor jou. Het is altijd het beste om slapeloosheid of onrustig slapen zonder medicatie te behandelen, bijvoorbeeld met (ochtend)lichttherapie, het stimuleren van een duidelijk en regelmatig dag- en nachtritme en het vermijden van alcohol- of cafeïnehoudende dranken in de avond.

Werken deze oplossingen niet, dan kan de huisarts je naaste kortdurend (maximaal twee weken) een slaapmiddel voorschrijven als Temazepam of Zolpidem. Deze middelen kunnen ook overdag slaperigheid veroorzaken. Daardoor stijgt het risico op (val)ongelukken. Na twee weken onafgebroken gebruik neemt de kans op afhankelijkheid toe. Stopt je naaste dan met het middel, dan kan ze last krijgen van ontwenningsverschijnselen. Als je naaste veel ‘s nachts wakker is en overdag slaapt, kan een combinatie van melatonine met lichttherapie soms ook helpen. Een alternatief is het antipsychoticum Risperidon. Dit middel mag maximaal twaalf weken worden gebruikt (zie antipsychotica). Overleg dit altijd met de behandelend (huis)arts.

Huisarts

Marieke is huisarts en gepromoveerd op diagnostiek naar dementie in de eerstelijn. Zij werkte mee aan de Standaard Dementie van het Nederlands Huisartsen Genootschap.

Stel onze huisarts een vraag >
0 reacties

Samen met jou en andere mantelzorgers willen we ontdekken wat we nog allemaal kunnen verbeteren aan dementie.nl.

Geef ons advies