Terug naar dwalen
Informatie
geschatte leestijd 2 min

Omgaan met dwaalgedrag van mensen met dementie

Dwaalgedrag van mensen met dementie komt veel voor. Als je naaste gaat dwalen kan er van alles mis gaan. Ze kan verdwalen. Ze kan ook vallen of een ongeluk krijgen omdat ze niet goed uitkijkt of de verkeersrisico’s niet goed kan inschatten. Ze kan zo lang weg blijven dat ze onderkoeld of uitgedroogd raakt. Dwalen is dus niet zonder risico. Het dwaalgedrag van je naaste vormt daarmee voor jou als mantelzorger een extra belasting.

Daar vergaloppeer ik me wel eens mee, met dat fietsen. Ik wist niet meer waar ik zat, maar ik ken alle kerktorens uit de buurt dus fietste ik maar naar die van ons dorp.

Stef (75)

Nachtelijke onrust

Je schrikt ’s nachts wakker en merkt dat je naaste niet meer in bed ligt. Schijnbaar doelloos dwaalt ze door het huis. Omdat de deur op slot zit, kan ze in ieder geval niet naar buiten zijn gegaan. Nachtelijke onrust en dwalen zijn een gevolg van de ziekte die je naaste heeft. Ze kan er niets aan doen en er ook geen verklaring voor geven. Ze heeft ook geen controle over dit gedrag. 

Dwaalgedrag

Je naaste kan ook overdag ineens het huis uitgaan zonder dat ze kan zeggen waar ze naartoe wil of gaat. Ze kan door de kamer ijsberen of haar eigen huis niet meer herkennen en dus weg willen. Misschien wil ze wel ‘naar huis’ en bedoelt ze daarmee haar ouderlijk huis. Je naaste kan hyperactief of rusteloos gedrag vertonen voordat ze gaat dwalen.

Vaak kalmeert je naaste van het dwalen. De ritmische en herhaalde beweging van het lopen geeft haar rust. Daardoor gaat ze bijna instinctief wandelen zodra ze zich onrustig of ongemakkelijk voelt.

Rusteloos door verveling

Je naaste kan door de dementie misschien niet meer breien, puzzelen of een boek lezen. Zeker als ze gewend was actief te zijn, kan ze zich gaan vervelen. Te veel prikkels zijn niet goed voor haar, maar te weinig ook niet. Dwalen is dan voor haar een manier om de verveling te lijf te gaan. Als je vermoedt dat het dwaalgedrag van je naaste voortkomt uit verveling, kijk dan of je een nuttige en inspannende bezigheid voor haar kunt vinden.

Wat kun je doen?

Als je beseft dat je naaste het dwaalgedrag niet kan beheersen, weet je ook dat het geen zin heeft boos op haar te worden als ze weer is gaan dwalen. Vermijd de discussie en probeer goed voor jezelf te zorgen. Als je moe bent door slaaptekort of te veel gebroken nachten, aarzel dan niet om hulp in te schakelen zodat je voldoende rust krijgt. Praat over je irritaties, schrijf je gevoelens van je af of zoek lotgenoten om ervaringen te delen.

Naast goed voor jezelf zorgen kun je veel doen om je naaste veilig te laten dwalen en de onrust te verminderen. 

  • Laat ’s nachts een lampje aan op de gang en in het toilet en maak het huis zo veilig mogelijk voor haar met traphekjes, goed vastzittende tapijten en sloten op de deuren.
  • Zorg dat je naaste overdag beweegt en actief is zodat ze ’s avonds en ’s nachts moe is.
  • Geef haar ’s avonds geen cafeïnehoudende dranken.
  • Zorg ervoor dat je naaste informatie bij zich draagt waardoor iemand die haar vindt haar altijd thuis kan brengen.
  • Blijf kalm en stel haar gerust als ze weer thuis komt.

 

0 reacties

Samen met jou en andere mantelzorgers willen we ontdekken wat we nog allemaal kunnen verbeteren aan dementie.nl.

Geef ons advies