Terug naar fasen dementie
Informatie
geschatte leestijd 3 min

Het verloop van de ziekte van Alzheimer

Hoewel het voor iedereen anders is, verloopt de ziekte van Alzheimer grofweg in drie fasen: de vroege, midden en late fase. Inzicht in deze fasen helpt bij het begrijpen van de veranderingen die na verloop van tijd bij je naaste optreden.

Niet iedereen krijgt alle symptomen of krijgt ze in dezelfde volgorde. Soms overlappen fasen elkaar of blijkt dat verschijnselen weer veranderen of verdwijnen. Hoe de ziekte verloopt, heeft ook te maken met het karakter van je naaste, haar emotionele veerkracht, levensomstandigheden en eventuele medicatie.

‘Het begon op vakantie, dat ik niet wist welk pad ik moest nemen. Toen heb ik stiekem hoopjes steentjes neergelegd want ik wou niet vertellen dat ik het niet wist.’

Nelly (66)

Vroege fase

Alzheimer begint meestal met kleine veranderingen in het gedrag of functioneren van je naaste. Deze tekenen kunnen makkelijk worden toegeschreven aan stress, een ingrijpende gebeurtenis of het normale proces van veroudering. Je beseft vaak pas later dat dit de eerste signalen van dementie waren. Herkenbare eerste tekenen zijn:

  • Recente gebeurtenissen of gesprekken vergeten;
  • Dezelfde vraag of zin herhalen;
  • Trager begrip van nieuwe dingen;
  • De draad van een verhaal kwijtraken;
  • In de war zijn;
  • Minder vloeiend spreken;
  • Moeite met beslissingen nemen;
  • Weinig belangstelling voor andere mensen en activiteiten.

In deze eerste fase is het belangrijk dat je naaste haar onafhankelijkheid zoveel mogelijk behoudt. Het is erg verleidelijk om alles voor haar te doen en dingen over te nemen. Doe dat niet. Ze behoudt haar gevoel van eigenwaarde veel meer door dingen zelf te blijven doen en kan zo ontdekken dat er nog veel is wat ze wel kan. Ondersteun haar, begeleid haar en stel haar gerust als ze angstig of onrustig is.

Middenfase

In de middenfase worden de veranderingen bij je naaste duidelijker, groter. Ze heeft meer ondersteuning nodig bij het helpen herinneren aan dagelijkse dingen zoals eten, wassen en aankleden, en toiletbezoek. Ze vergeet meer en kan niet meer op namen komen. Ze herkent mensen moeilijker en kan bijvoorbeeld buren met elkaar verwarren. Je naaste kan makkelijk overstuur raken en heftig reageren. Achterdocht en wantrouwen steken de kop op. Daarnaast is deze fase bij je naaste te herkennen aan:

  • In de war zijn over tijd, plaats en datum;
  • Weglopen en de weg kwijtraken;
  • Een verstoord dag- en nachtritme;
  • Gevaarlijke situaties, zoals het gas openzetten zonder het aan te steken;
  • Vreemd gedrag zoals in haar nachtjapon de straat op gaan;
  • Waandenkbeelden en hallucinaties.

‘Nou, het lukte gewoon niet. Ik kreeg mezelf niet aangekleed. Jan heeft me toen helemaal aan moeten kleden. Dat is niet leuk hè.’

Ans (65)

Late fase

De late fase van alzheimer kenmerkt zich door volledige afhankelijkheid van je naaste. Soms kan ze nog flitsen van herkenning laten zien, maar in de meeste gevallen zal het geheugenverlies groot zijn. Lichamelijk gaat je naaste ook achteruit. Het lopen gaat moeizaam en schuifelend of lukt helemaal niet meer. Uiteindelijk wordt ze bedlegerig en heeft ze volledige verzorging nodig.

Wat je nog meer tegen kunt komen in deze fase is:

  • Veel eten en toch veel gewicht verliezen;
  • Moeite hebben met kauwen en slikken;
  • Incontinentie;
  • Spraakverlies, soms kent ze nog een paar woorden die ze steeds herhaalt;
  • Onrustig gedrag, schreeuwen of zoeken naar iets of iemand;
  • Verdrietig of boos, zelfs agressief gedrag vertonen, vooral als ze zich bedreigd voelt;
  • Woede-uitbarstingen tijdens de lichamelijke verzorging, omdat ze het niet begrijpt.

Ook al kan je naaste zich in deze fase niet meer goed uiten, ze reageert nog wel op genegenheid en een geruststellende stem. Ze kan genieten van geuren, geluiden, muziek of het aaien van een zacht huisdier.

De levensverwachting voor je naaste met alzheimer kan uiteenlopen van drie tot twintig jaar. Uit onderzoek blijkt dat de ziekte gemiddeld acht tot tien jaar duurt.

Nieuwe test om verloop dementie in kaart te brengen

Om mensen met dementie beter te kunnen helpen, is het belangrijk dat artsen weten hoe dementie verloopt. Onderzoeken op de geheugenpoli’s duren vaak lang. Onderzoekers willen een nieuwe test ontwikkelen die minder belastend is voor mensen met dementie. Daarvoor kunnen ze jouw hulp en ervaring goed gebruiken.

Is je naaste 50 jaar of ouder en heeft een arts bij haar de diagnose milde cognitieve stoornis (MCI) of beginnende dementie vastgesteld? Dan kunnen jullie een belangrijke bijdrage leveren aan het onderzoek.

0 reacties

Samen met jou en andere mantelzorgers willen we ontdekken wat we nog allemaal kunnen verbeteren aan dementie.nl.

Geef ons advies