Informatie
geschatte leestijd
minder dan een minuut

Omgaan met warmte en kou

Je naaste met dementie voelt op een gegeven moment niet meer goed of ze het warm of koud heeft. Dit kan gevaarlijke situaties opleveren.

Op een warme zomerdag kan je naaste rustig met drie lagen kleding aan in de kamer zitten. En voor hetzelfde geld trekt ze hartje winter een zomerjurk aan. Het aanvoelen van temperaturen en daar vervolgens op een juiste manier mee omgaan, is lastig voor je naaste met (gevorderde) dementie. Het lichaam reageert niet meer adequaat op signalen van warmte en kou. Hierdoor kan het goed zijn dat je naaste bibbert terwijl het behoorlijk warm is.

Oververhitting en onderkoeling

Een goed en gezond lichaam kan zichzelf beter op de juiste temperatuur houden. Voldoende en gevarieerd eten is dan ook de basis voor het op peil houden van het zoutgehalte in het lichaam van je naaste. Door goed in de gaten te houden wat je naaste eet en drinkt, doe je al veel om oververhitting en onderkoeling te voorkomen. Oververhitting kan leiden tot uitdroging en dat kan levensbedreigend zijn voor je naaste. Onderkoeling wordt levensbedreigend wanneer de lichaamstemperatuur onder de 35 graden ligt. Bovendien is je naaste bij onderkoeling vatbaarder voor bijvoorbeeld een longontsteking of infectie.

Tijdens warme, zomerse dagen en koude in de winter is het van belang dat je alert bent op signalen die mogelijk kunnen wijzen op oververhitting, uitdroging of onderkoeling. Houd daarom bij activiteiten die je met je naaste doet rekening met de temperatuur buiten. De tips voor warmte en voor kou helpen je om de signalen te herkennen en gevaarlijke situaties te voorkomen.

0 reacties

Samen met jou en andere mantelzorgers willen we ontdekken wat we nog allemaal kunnen verbeteren aan dementie.nl.

Geef ons advies